Oud zeer

huisartsen

‘Hij gaat razendsnel achteruit, zegt ze, en hij ligt in zijn eentje in huis. Ik kan wel huilen want ik wil hem helpen maar weet niet hoe’.

De wanhoop in de stem van de huisarts valt over me heen. Ook huisartsen worstelen steeds vaker, dit soort noodkreten zijn tegenwoordig geen uitzondering meer.

Hij is de tachtig ruim voorbij en is de afgelopen week met zevenmijlslaarzen achteruit gegaan. Uit bed gaan lukt hem niet meer. Hij heeft geen pijn maar ligt vooral maar wat te liggen, zijn intake is minimaal. Thuiszorg is er niet, ook niet in de nacht, en de familie is niet in de gelegenheid om bij hem te zijn.

Ik ben inmiddels gestopt om na te gaan waarom niet, meestal is het een combinatie van het niet begrijpen, niet durven of een wereld aan oud zeer. Ik heb geen oordeel. Elk mensenleven hangt aan elkaar van ingewikkelde emoties, maar verdrietig is het wel.

Ik laat de eventuele mogelijkheden alvast hun gang gaan in mijn hoofd.  Wat kan ik en lukt het me om dat vandaag nog voor hem te organiseren ? 

Hem nog een nacht alleen in huis laten blijven voelt ook voor mij niet goed. Maar het is inmiddels half vier, veel tijd om ervoor te zorgen dat hij dezelfde avond nog kan worden opgenomen is er niet meer.

Ik bel snel naar de afdeling en de verpleegkundige neemt gelukkig op.

‘Ik sta met één been buiten de deur Cynt’, klinkt aan de andere kant van de lijn. 

Snel zet ik de situatie uiteen en gelukkig snapt ze mijn pleidooi direct.

‘Zeg maar dat het goed is, stuur je wel alvast al zijn gegevens naar me toe? Ik licht de avonddienst in zodat ze alles in orde kunnen maken voor zijn komst’.

Ik bel de huisarts weer terug en haar opluchting stroomt door de hoorn mijn oor in, recht naar mijn hart.

Huisartsen

‘O wat fijn voor hem, je hebt mijn dag goed gemaakt, ik ga meteen een zorgambulance bestellen’, zegt ze. 

De huisarts draagt ook zorg voor de persoonlijke spullen die met hem mee moeten, er is verder niemand om hem daarbij te helpen. 

Diezelfde avond wordt hij opgenomen op onze hospice unit.

De volgende ochtend ben ik vroeg op mijn werk en ik open zijn dossier als eerste. Hij is in de loop van de nacht snel achteruit gegaan en overleden. En de eerste vraag die in mijn hoofd opkomt is of ik er goed aan heb gedaan. 

Was dit wat hij zelf wilde? Was er nog iets wat ik anders had kunnen doen of misschien een andere afslag kunnen kiezen?

Ik zal het nooit weten, maar dat hij in zijn laatste uren niet alleen was is voor mij een enorme troost.

Published by Cynthia Poen

Ik ben een schrijver, en daar ben ik retetrots op. Het duurde even, voor ik die woorden in mijn mond durfde te nemen in associatie met mezelf maar inmiddels doe ik het gewoon.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *