Ik houd van mijn werk. Oprecht. Het directe zorgen voor een ander mens, één op één, mis ik met enige regelmaat. Het was bijzonder. En het bezorgde me oprecht plezier, na elke gewerkte dienst kwam ik met een vol hart thuis.
Er gebeurde altijd wel iets dat me een glimlach bezorgde.
En toch past het me niet meer, de directe zorg. Mijn oude baan heb ik naast me neergelegd, uitgedaan als een oude jas. En dat die oude jas me niet meer past heeft een reden.
Het maakte me ziek. Oude trauma’s die op onverwachte momenten getriggert werden, angsten die me wakker hielden in het donker van de nacht, de stress die voor een onontwarbare knoop in mijn buik zorgde.
Het kost me teveel energie, dus uit zelfbescherming wil ik het niet meer.
Zelfbescherming
Klinkt dramatisch he?! Zo voelde het ook een hele poos.
Maar dat gevecht met mijn eigen emoties is achter de rug en ik wil nooit meer terug naar toen. Ik wil een lichter, luchtiger leven.
Het is nu ongeveer een jaar geleden dat ik met EMDR ben gestart en al het stof dat werd opgeschud voel ik nu pas dalen. Ik begin mezelf stap voor stap weer terug te vinden. Alles wat ik altijd kon, en verloren was het afgelopen anderhalf jaar, ontkiemt weer. Mijn schrijfzin bijvoorbeeld en nieuwe dingen leren lukt ook steeds beter. Ik luister naar mijn eigen hart en nee zeggen lukt me prima 🙂
Dat is verrassend lekker trouwens 😉
Die tussenweg die ik in mijn werk al had gevonden, om voor een ander te zorgen met iets meer afstand, past me perfect. De rest zijn mooie herinneringen en dat blijven ze ook.