Oprecht geloof

troost

Ik geloof niet in een god. Tijdens mijn dagelijks bestaan hang ik geen enkel geloof aan, ondanks die katholieke opvoeding. Dopen, eerste communie, ik heb het allemaal doorlopen, maar houvast gaf het me niet. Vroeger vond ik het vooral eng dat iemand me blijkbaar in de gaten hield šŸ˜‰ Toch is er wel iets van al die kerkse jaren blijven hangen, en dat is de gedachte dat je weer ontmoet wat je ooit verloor. Dat heel veel liefde niet voor altijd is verdwenen.

Het zijn geen praktische gedachtes, het is een gevoel dat voor mij persoonlijk een troostend is. Dan vliegt dat allesverslindende verdriet over heel groot verlies niet uit de bocht. Ik kan het zelf niet verklaren, dat wil ik ook niet, maar zo is het.

De gedachte dat mijn moeder ooit haar gezonde voldragen zoon mag ontmoeten, vervuld me met warmte. Toen konden ze helaas nog niet wat ze nu wel kunnen. Er was voor mama geen ontmoeting, geen afscheid, geen aandenken. Voor mama was er niks. De gedachte dat zij hem ooit kan vasthouden en hem de liefde mag geven die wij ons hele leven van haar kregen troost me, hoe gek dat ook moge klinken. De wreedheid van dat nooit meer is simpelweg te gruwelijk.

Troost

Dat er ooit nog iets van troost komt voor de vader van dat meisje dat voor mij zat in de klas vind ik een wonderschone gedachte. Veertien was ze pas toen ze dat fatale ongeluk kreeg tijdens een turnles. Na haar overlijden was zijn haar in Ć©Ć©n enkele nacht grijs geworden. Ik zat daar in die kerk en staarde naar hem, en kon amper bevatten wat ik zag. Dat zoveel liefde elkaar ooit weer terugvind is troostend.

Moeders, vaders, geliefden. Zoveel gemis, zoveel pijn. Dat ze ergens herenigd worden, op wat voor manier dan ook, is een geruststelling. Lichtpuntjes in een donkere wereld. Hoe kwetsbaar of ongeloofwaardig ook, in mijn hart bestaat het.

Na dat brute, rauwe afscheid voelen dat de liefde die er voor ze gevoeld wordt nog ergens in het heelal voor een zee aan lichtpuntjes zorgt, leeft diep in mij. En dat de schoonheid van al die sprankelende zielen ergens samenkomt, op een warme fijne plek, bied mij iets van troost wanneer er geen woorden te vinden zijn.

Published by Cynthia Poen

Ik ben een schrijver, en daar ben ik retetrots op. Het duurde even, voor ik die woorden in mijn mond durfde te nemen in associatie met mezelf maar inmiddels doe ik het gewoon.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *