Zomerdagen

buiten zijn

Kamperen, je houd ervan of je haat het. Bij veel van mijn vrienden, die een pesthekel hebben aan kamperen, spant vooral ‘de gang met de toiletrol onder de arm’ de kroon. Als iets manifesteert wat mensen haten aan kamperen, dan is het dat. Om het kampeerterrein over te moeten steken met die rol onder je arm.

Vroeger als meisje kampeerden ik elk jaar met mijn ouders. Prachtige herinneringen heb ik aan al die avonturen. In onze puberjaren, slopen grote zus en ik midden in de nacht nog weleens ons tentje uit. Na een avond in de ‘disco’, hadden we dan in de nacht met de rest van de kamperende jongeren afgesproken. Spannend en vooral heel onschuldig. Het enige dat we deden was de kampwacht ontlopen, giechelend renden we met de groep heen en weer. We hebben het onze moeder jaren later nog weleens opgebiecht, maar ze geloofde ons nooit. Nog steeds niet trouwens šŸ˜‰

Het vele buiten zijn, de eindeloze zwoele zomeravonden en elke dag laat naar bed. De dagen regen zich aaneen, en de zomer duurde ogenschijnlijk eeuwig. De hele dag op avontuur, op voor ons onbekende plekken. Spelen met andere kinderen en heel veel zwemmen. Met mijn oudere zus in dat hele kleine tentje slapen was voor mij het toppunt van knus.

Toen we ouder werden stonden we ’s avonds samen uren te tutten na het douchen, met onze oorlogskleuren op naar de campingdisco. Dat we ook elke dag met die rol over het terrein moesten lopen, ach. Er zijn een aantal dingen die wij mensen allemaal gemeen hebben en dat is er een van, niks bijzonders aan toch? Ik wist niet beter.

Buiten zijn

Natuurlijk heb ook ik zo mijn voorkeuren, en eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat goed sanitair voor mij inmiddels echt een vereiste is. Inmiddels reis ik met een buscampertje en tijdens onze zwerftochten check ik altijd even het sanitair van onze overnachtingsplekken. Want in ons busje zit alleen een bed, verder niets. Dus ik begrijp ook heus wel dat mensen een chemisch toilet mee hebben op vakantie. Voor hun is dat gemak, en dat moet elk mens lekker voor zichzelf weten.

Persoonlijk vind ik dat een stuk ranziger. Die caravan die heerlijk in de zon staat te bakken de hele dag. Om daar dan naar de wc te gaan, in die warmte en te krappe ruimte. Wellicht moet je daar vlakbij later ook je potje koken, of slapen, of ontbijten. En vervolgens moet je dat volle apparaat de hele camping over zeulen, vaak op een karretje. Een bak vol met alles wat gedumpt is, nogmaals dumpen. Ik zie ze dagelijks gaan, soms echt letterlijk elke dag, met die volgekakte cassette op dat karretje.

‘The walk of shame’ noemen wij het, de liefste en ik.

Ik kan het onmogelijk erg vinden om met die rol onder mijn arm te lopen, met zo’n cassette lopen lijkt me echt vele malen erger. Maar nogmaals, ieder zijn ding.

Tijdens de zwerftochten met ons campertje blijven wij in de ochtendzon vrolijk met onze rol onder de arm richting het sanitair gebouw lopen. Want afval dumpen doe ik gewoon maar een keer, en voor mij is dat meer dan genoeg šŸ˜‰

Published by Cynthia Poen

Ik ben een schrijver, en daar ben ik retetrots op. Het duurde even, voor ik die woorden in mijn mond durfde te nemen in associatie met mezelf maar inmiddels doe ik het gewoon.

2 thoughts on “Zomerdagen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *