Afgesloten van emotie

Mezelf afsluiten van emotie, ik had het vroeger tot een kunst verheven. Al dat gevoel, dat ik vol overgave negeerde, stopte ik in een laatje, en dat laatje werd langzaam maar zeker een volle kast. Een jaar of wat terug, voelde het alsof die kast een ondergrondse bunker was geworden, vol onverwerkt verdriet, vol met alle emotie waar ik me in al die jaren geen raad mee wist.

Stilstaan bij hoe ik me voelde, ik kon het werkelijk waar niet, dat masker van vrolijkheid dat ik me had aangemeten deed vol verve zijn werk. Eigenlijk wist ik helemaal niet, dat er zoveel ellende diep van binnen verstopt zat. Doorstomen, dag na dag, en elke teleurstelling, elk heftig verdriet, daar stapte ik overheen. Ik moest zorgen en verzorgen, van mezelf dan he?! Geen tijd om dat alles ruimte te geven. Als ik er nu op terugkijk vind ik het vooral bizar, maar het werd als een tweede natuur, dat verstoppen.

Balanceren

Dat het uiteindelijk goed gekomen is met mij, ook daar had ik eigenlijk zelf geen hand in. Op een dag begon ik onbedaarlijk te huilen en dat stopte niet meer, ook zo bizar. Ik lag gevoelsmatig, van het ene op het andere moment, volledig op een hoop. Dus stapte ik naar de huisarts, en ging een keer met een psycholoog praten. In de jaren die volgden heb ik langzaam maar zeker die enorme puinhoop uit die ondergrondse bunker opgeruimd. Naar eigen inzicht, door te schrijven, veel te wandelen en te onderzoeken waar de pijn nou zat. Ik heb een aantal mensen vergeven, die me veel pijn hadden gedaan. Door me te realiseren dat zij ook maar mensen zijn, met hun eigen sores. Ook geen sinecure, maar wel erg lekker.

Zelfs na al die jaren heb ik soms nog steeds moeite om al mijn gevoel meteen te laten zijn, zeker de negatieve emoties kan ik maar moeizaam toelaten, ik vind het al snel geneuzel van mezelf. Dat balanceren blijft oprecht een ding. Dan bemerk ik ineens dat ik geïriteerd ben, of chagrijnig, en vraag ik me af waarom eigenlijk. Of voel ik een enorme stress in mijn lijf, of een overweldigend gevoel van angst. Maar ik leer om het voor even te laten zijn, leer te balanceren. Omdat het ook weer verdwijnt, als ik er maar even aandacht aan besteed, lang duurt het ook nooit, dat sombere, heerlijk is dat.

Een paar jaar geleden volgde ik een training, georganiseerd door mijn werkgever. En aan het slot van die training had ik een mooi gesprek met de coach die de training had gegeven. Ze vroeg me om feedback, en ik somde een aantal pijnpunten op die me tijdens de training waren opgevallen. Bij mezelf en bij anderen. ‘Jij bent inmiddels je eigen coach geworden, zei ze glimlachend, want je herkend exact waar het mis gaat, bij jezelf en bij een ander’. Ik grijnsde tevreden, mijn eigen coach geworden, als dat geen fijne gedachte is. Stiekem vind ik dat heel erg geruststellend voor de toekomst.

Hé nachtzuster

Ik voel de weemoed in mijn lijf, bij de gedachte aan alle nachtdiensten die ik ooit draaide. Want ik heb er ladingen mooie herinneringen aan. Maar ook de vermoeidheid van die tropenjaren ben ik niet vergeten.

Zeker toen de kinderen klein waren, en ik een jaar of zeven alleen maar nachten werkte, vond ik het razend pittig. Mijn allereerste nachtdienst werkte ik toen ik een jaar of achttien was. En toen voelde zo’n nachtje wakker blijven veel minder lastig dan dat het op latere leeftijd voelde.

Als ik door een donkere nacht richting het werk fietste, voelde al anders. De stilte van de late avond, tijdens de wintermaanden voelde ik dat extra, terwijl ik daar in mijn uppie langs alle donkere huizen fietste. Alsof ik alleen op de wereld was. De rust en de leegte op de locatie als je binnenstapte, omdat iedereen al in bed lag, gaf een hele specifieke sfeer.

Alleen in Heliomare was dat anders, toen ik daar nachtdiensten draaide zaten er altijd nog wel wat nachtbrakers in het rookhok te kletsen. Zeker op vrijdagavond was het vaak nog gezellig, met de revalidanten die niet op weekeindverlof gingen.

Pillen uitzetten voor de hele afdeling, op je tenen al die donkere kamers in om zorg te verlenen of te checken of het goed ging. In je uppie op de afdeling, en dat was soms razend heftig tijdens een calamiteit. Wondkarren bijvullen, een handje helpen op een andere afdeling en de klok vol hartstocht vooruit kijken rond een uur of vijf. Tijdens de nacht werken, is zo ontzettend anders.

Onregelmatig

In de zomer voelde het al veel minder erg, omdat het dan zo lekker vroeg licht werd, want dan leek die nachtdienst ineens veel korter omdat de zon al volop scheen. Snel overdragen en dan fijn naar je knusse bed, terwijl de rest van de wereld aan het werk moest, absoluut een favoriet moment. Het genot om dan tussen die lakens te schuiven, dat was pure zaligheid, en dubbel als je die laatste nachtdienst achter de rug had. In die tijd draaiden we vaak een reeks van zeven, en dan was ik zo blij als ik het weer achter de rug had.

Maar naarmate ik ouder werd, kreeg ik er meer last van, van dat onregelmatige leven. Slapen lukte na een nachtdienst vaak maar tot een uur of elf, dan wilde het gewoon niet meer. Na twee nachten werken was ik dan compleet gesloopt, met zo weinig uren slaap. Anders eten, ander ritme, anders alles, en alles onregelmatig. En dan weer terug naar ‘normaal’ als je de dag of de avonddienst in moest, ik moest steeds opnieuw zoeken naar mijn ritme. Het sloopte me volledig.

Ik vind het heerlijk nu, de regelmaat, en dat vaste ritme. Geen weekeinden of feestdagen meer, ook al had onregelmatig werken echt ook zijn charme, ik mis het niet. Ik heb al die jaren mijn steentje bijgedragen, en ik vind het zalig dat het achter me ligt. Tegenwoordig kunnen we, zodra het een beetje weer is, elk weekeind lekker met ons busje op pad. En dat voelt als een enorme rijkdom.

Een soap of realiteit?

Soms krijg ik idee, dat ik stiekem in een slechte soap ben beland. Dat we met zijn allen in een schijnwereld leven. Zoals in die film met Jim Carrey ‘The Truman Show’. Want ik begrijp het gewoon niet, dit alles wat er momenteel gaande is. Alles rondom corona, de bezuinigingen die op tafel liggen rondom de jeugd-en verpleeghuiszorg en alle vuiligheid rondom TVOH.

Er wordt ontzettend veel gezegd en geschreven over de politiek, over de coronamaatregelen en die aflevering van BOOS. Teveel, maar dat is mijn persoonlijke mening. Soms vraag ik me af waar dit waanzinnige gedrag vandaan komt. Steekpartijen onder jong, steeds jonger. Machtsspelletjes, patserige imago’s en dikdoenerij, het is naar een ieders hoofd gestegen als belletjes in champagne. En dan komt wederom dat gevoel van die soap naar boven.

Soap

Hoeveel schade levert dit op en wat bezield iedereen. Waar is oprechtheid en eenvoud gebleven. Waar is de balans in die verslaggeving, want sensationele koppen lijken de richtlijn te zijn. We worden allemaal gek gemaakt. Ik mis helderheid, daadkracht en prioritering.

De huidige waanzin in dat kikkerlandje van ons, het is filmmateriaal, het heeft alles in zich voor een fantastische soap 🙂 Dus lieve filmmaker, brei er maar even een fijn eind aan voor ons. En dan nog liever gister dan vandaag.

Als ik toch…

Ik weet het, ergens spijt van hebben is zonde van je tijd. Alsof je terug kan draaien wat al gebeurd is. Het is als jezelf dubbel pijnigen. En toch had ik afgelopen week oprechte spijt, ook al helpt er echt geen lieve moedertje meer aan. En dan heb ik het niet over een enorme tattoo of een mislukt kapsel, of spontaan ontslag nemen tijdens een ernstig melancholische bui van ‘ik vertrek of het roer om’.

Deze spijt lag meer in het genre ‘ik wilde dat ik er eerder mee was begonnen’. Ik las afgelopen week namelijk een artikel over een verpleegkundige die had meegeschreven, tijdens alle nachten dat ze bij haar patiënten waakte, en daar was een boek van gemaakt. Slimme verpleegkundige, en wat een prachtidee dacht ik meteen, zo jammer dat ik niet veel eerder ben begonnen met schrijven.

Dat ik het niet veel eerder durfde.

Gelukkig herinner ik me nog veel, want elke situatie en elk mens verschilde in de afgelopen jaren zo van elkaar dat het bleef zitten is in mijn hoofd. Maar ik ben er in al die jaren vast ook een aantal vergeten, dat kan bijna niet anders. Zo af en toe is er zomaar weer eens een herinnering, door een gebeurtenis of een andere sensatie. Dan zit ik weer helemaal bij die ene persoon aan dat bed, en herinner ik me indrukken of andere bijzonderheden. Gek is dat, hoe er in de loop der jaren steeds meer van terugkomt, in plaats van dat het verder wegsijpelt.

Maar er waren ook akelige situaties, en dat zijn de ervaringen die ik liever vergeet. Soms heeft sterven nou eenmaal weinig te maken met rustig en zachtjes dat leven loslaten. Je zorgt dan net zo goed voor de familie, die er vaak bij is, en dat is best pittig. Ik probeerde altijd mijn hoofd koel te houden, de klap voor mezelf kwam vaak later pas. Of niet, dan verstopte ik alles, diep weg in een laatje, en liet ik het liever met rust. Zo af en toe springt dat laatje weer eens open.

Verpleegkundige

De eenzame situaties waren wellicht wel het meest treurig, als er behalve mij niemand anders bij was. Of als er verder niemand bij wilde zijn. Met alle respect voor een ieders keuze. Aan dat soort beslissingen gaat vaak van alles vooraf. Die keuze maak je niet zomaar. Toch vond ik dat altijd extra pijnlijk, eenzamer.

Ik belde weleens naar familie, heel vroeg in de ochtend, omdat ik de schouwarts moest gaan bellen en dat het goed zou zijn als ze zouden komen. Uren zat ik daarna te wachten, terwijl de schouwarts allang weer vertrokken was, tot ik uiteindelijk na veel twijfelen toch nogmaals belde. Ze bleken zich weer te hebben omgedraaid om nog wat te slapen, terwijl ik stond te stamelen aan die telefoon. Van ontzetting, omdat ik het zo wreed en onbegrijpelijk vond.

Het voelt echt oprecht jammer, want er is zoveel verloren gegaan. Aan heel veel mooie, dierbare en bijzondere momenten. Al die prachtige verhalen die nog achter een deurtje in mijn hoofd liggen te wachten om te worden opgeschreven. Ik blijf af en toe even stilstaan, om nog wat van die momenten terug te halen. En ze op te schrijven natuurlijk. Zodat ik ze met jullie kan blijven delen 🙂

Ook zo’n last van ‘meh’…?

Door de bank genomen, ben ik nogal een enthousiaste. Een blij ei, wordt ik ook weleens genoemd, in de basis ben ik een heel positief mens. En dat is lekker. Komt ook doordat ik fan ben, fan van een passie hebben. Iets met volle overtuiging liefhebben, kan onmogelijk iets slechts zijn. Zolang je een ander er geen schade mee berokkend, dat voorop gesteld. Mijn blijheid komt ook voort uit een passie, uit meerdere zelfs. En elke dag wordt ik er blij van, van al die passies. Voor ons camperbusje en ermee op pad gaan, voor een fijn stukje schrijven, voor muziek, voor mijn mooie beroep. Al hoewel die oprechte drang om te schrijven, soms wel wat onhandig is, en ook regelmatig heel erg aanwezig op de meest onmogelijke momenten. Als ik ’s morgens naar mijn werk moet bijvoorbeeld, en dus geen tijd heb, of midden in de nacht als ik weer eens wakker lig. Dan verlang ik naar meer tijd en ruimte, om al die gedachten op te schrijven.

Maar ondanks dat hele blije, zijn er ook echt dagen dat ik een gevoel van ‘meh’ ervaar. Gisteravond nog zelfs, en dan onderzoek ik altijd even dat gevoel. Wat er aan de hand is( niks eigenlijk) en waarom ik dat zo voel. Schouderophalend kroop ik mijn bed in, morgen is het wel weer over denk ik dan. Vanmorgen las ik een prachtig artikel in de Times, precies daarover, toeval bestaat niet, serieus 🙂 Over dat ‘meh’ en waar het vandaan komt, dat heel veel mensen dat momenteel wel zo voelen, en hoe je die flow weer terug kan vinden. Door je focus op iets te richten, op één ding. En wederom niet toevallig denk ik dan, want vorige week ben ik begonnen met het schrijven van een boek, poging twee.

Boek schrijven

Sinds die eerste poging heb ik geleerd dat ik spontaner schrijf vanuit mijn gevoel. Dan vloeit het bijna, en ontstaat mijn verhaal bijna als vanzelf. Gevoelsmatig klopt het dan beter. Ik vind het zelf ook gek, maar zo is het. Dat eerste boek ga ik heus ooit nog eens afschrijven, anders is het zonde van al die plotlijnen en razend interessante wendingen. Maar iets moois schrijven is geen sinecure, en deze tweede poging gaat zo fijn. Ik droom ervan, om dat boek te schrijven, letterlijk zelfs soms 🙂

Als het lukt vind ik dat razend stoer van mezelf, dus ik ga een serieuze poging wagen. Deze keer heb ik een proeflezer, dat durfde ik voorheen ook niet. Maar ze wijst me op de details die in mijn hoofd helemaal logisch lijken, maar die in haar ogen te wazig zijn. Dat houd me scherp, want zelf lees ik gewoon soms over dingen heen, juist omdat het verhaal dat in mijn hoofd ontstaat zo volkomen duidelijk is. Maar die passie voor dat creëren, die groeit nog elke dag. Goed voor die flow, en om verlost te worden van die ‘meh’.

Ik vind het zalig, om een hele dag te schrijven, me daarin onder te dompelen. Dat verhaal, dat langzaam aan het ontstaan is, zou ik zelf ook graag lezen. Spanning, een beetje moord en doodslag, wat avontuurlijk gedoe en een drupje romantiek. De ideale mix wat mij betreft, en ik geniet van elke seconde, van elk woord dat ik op papier zet. Het eind is al geschreven, nu de rest nog, ik kan niet wachten om het af te maken 😉

Woest aantrekkelijk

De vrijdag is de fijnste dag van de week, in mijn ogen tenminste, en dat vind ik om meer dan één reden. Omdat het weekeind voor de deur staat natuurlijk, na een gevulde werkweek, maar de vrijdag is voor de liefste en mij ook vaak vertrekdag. En vertrekdag is zo ongelofelijk lekker. Afgelopen vrijdag was ook weer een vertrekdag, na het werk stapten we meteen in de auto, en twee uurtjes later zaten we middenin de natuur in het zonnetje. Die volle werkweek was meteen vergeten, want wat waren we lekker weg 😉

Nog een keertje teruggaan naar een eerder gevonden plekje doen we soms ook, maar nieuwe ontdekken vind ik echt het allerfijnste. Dat opgewonden gevoel en de nieuwsgierigheid naar een nog onontdekte omgeving, ik hou er zo van. Dit weekeind stond er een rasechte leukerd op het programma, dat hoopte ik tenminste. In Nederland op de bonnefooi op zoek gaan is in coronatijd echt lastiger geworden, dus deze camping was al uitgezocht en geboekt. Deze specifieke wordt door een oud collega gerund, samen met haar zwager Gidus, en ik wilde er al een hele poos een keertje heen. Maar rasechte leukerds zijn nou eenmaal regelmatig vol, en deze is oprecht wonderschoon. Meteen na aankomst voelde ik het lieflijke van deze plek, de sfeer, de kleinschaligheid en de algemene uitstraling, het is oprecht charme in het kwadraat. Woest aantrekkelijk, en dat is zeldzaam.

de gemeenschappelijke huiskamer

In het bos

Hier mag je zelf je plekje uitzoeken, geen afgebakend gedoe maar lekker lukraak. De camping ligt als een soort eilandje middenin het bos, en dat geeft zo’n leuke ambiance. De zon kan zijn stralen hier op elke centimeter kwijt, en hij scheen volop dit weekeind, superfijn was dat.

vroege ochtend

Het sanitair was tiptop, de vuurschalen die je bij je plek mag zetten zijn geweldig en voor de kleintjes is er een fantastische speelplek. En ook het bos nodigt uit tot wandelen en ontdekken, en voor de kinderen om te spelen. Met bruggetjes, stapstenen over beekjes en dikke touwen aan forse bomen.

klimtouw aan de boom

Voor de ingang van de camping ligt een vaarwater met een hele stoet aanlegsteigers, dus met een bootje kan je hier ook uit de voeten. De gezamenlijke huiskamer vind ik echt een vondst, met fijne zitplekken en een kookgelegenheid. Met minder weer zal het zalig zijn om er te schuilen. Alhoewel er dit weekeind ook al volop gebruik van werd gemaakt 🙂

kampvuur in het bos

Zo dicht bij huis, en toch zo heerlijk weg, al dat groen om je heen is zo zalig. Die eerste avond was het razend koud, maar wij zaten gezellig bij ons kampvuur een wijntje te drinken. De lucht was helder, en omdat er geen kunstlicht is, kan je zalig sterren kijken, echt fantastisch. We genoten van heel veel vogels, van wandelingen door het bos, van de rust en ’s nachts van de absolute stilte.

Moet ik nog zeggen dat dit een pareltje is? Vast niet, het is er niet voor niks regelmatig volgeboekt. Want ook de accomodaties zijn enorm verleidelijk. Twee nachtjes was echt te kort, er viel nog veel meer fraais te ontdekken. Maar wij hebben weer een fijne aan ons lijstje toegevoegd. Komend najaar gaan we ongetwijfeld nog een keer op herhaling, richting deze parel.

Perfect kamperen

Dat wij geen spijt hebben van de aankoop van onze buscamper, a.k.a ons schatje 🙂 is bij de meeste van jullie inmiddels wel helder. Daar wind ik geen doekjes om, geen enkele. Maar waarom zijn we zo dol op dat ding, dat is voor sommigen van jullie wellicht niet helemaal duidelijk. En dat licht ik dus met liefde toe.

Wat ik eigenlijk altijd een minpunt vond van op vakantie gaan, is de kwaliteit van het bed waar je een poosje in slaapt. Want fijn slapen is razend belangrijk. Vind ik tenminste. Dus als ik logeerde in een accommodatie waar het bed ruk is, om het maar lekker direct uit te drukken, drukte dat een behoorlijke negatieve stempel op die fijne, vaak dure vakantie. Dat is dus voordeel één, buiten dat ik heerlijk hoog boven de grond lig, lig ik ook nog eens fijn in mijn eigen bedje. Want dat heerlijke matras heb ik er zelf in gelegd. Eigen kussen, eigen dekbed, eigen beddengoed. Elke avond kruip ik dus zalig in dat fijne knusse holletje waar nog nooit iemand anders in heeft gelegen, groot voordeel.

Ons busje is zalig compact, en dat maakt het reizen en het rijden zo ontspannen. Ik zit als een prinsesje in dat ding, ruimte zat, dus dat lange lijf heeft een comfortabele plek. En bij die fijne bakker onderweg, zetten we hem heel simpel langs de kant van de weg. Wij zijn fan van een zoetje onderweg, en een krakend vers frans stokje slaan we ook niet snel af. Genieten zit soms in hele eenvoudige dingen, bij ons wel tenminste.

Ontspannen

Het neerzetten van dat busje op die kampeerplek is ook lekker simpel. Luifeltje eraan, stoeltje ervoor en klaar is Clara. Geen omslachtig gedoe met tentstokken en dat soort ingewikkeld gepuzzel, snel en ontspannen. Ook al deden we dat jarenlang met veel plezier hoor, maar dit is zo vreselijk lekker, hadden we jaren eerder moeten bedenken! Want we zijn ook binnen no time weer onderweg, naar nieuwe plekjes die wachten om door ons te worden ontdekt. Geen enorme tenten die afgebroken moeten worden, en die lading spullen paste ook nooit zo lekker zoals het op de heen weg paste.

Onder ons bed staan een paar kratjes met wat kookartikelen, wat boodschappen en uitgekiend paniekvoedsel (indien er geen super in de buurt is) De koelkast staat achter mijn stoel, onderweg lekker dichtbij om iets te eten te maken, en samen hebben we nog een kratje kleren. Er gaat nooit veel mee op vakantie, in dat kratje kleding zitten een shirtje, een korte broek en een bikini. Zodra ik een hoop lagen kleding aan moet, is het tijd om te verkassen. Had ik al gezegd hoe lekker rap dat gaat met zo’n busje? Waardeloze plek? Verkassen. Tegenvallende camping? Verkassen. Ballenweer? Verkassen. Gewoon zin in een andere omgeving? Je raad het al, verkassen.

Ja, het is soms een tikkie krap, en soms is het een beetje behelpen omdat we weinig ruimte hebben. Maar dat is ook de charme van dat kamperen met dat fijne busje. En de vrijheid en dat enorme relaxte, dat is waarlijk onbetaalbaar!

De Cevennen

Onze vakanties laten zich altijd leiden door het toeval, en dat is oprecht zalig. We plannen bijzonder weinig, en zien wel wat die nieuwe dag ons brengt. Niet altijd heel veel prachtigs, wel altijd een lading aan nieuwe ervaringen. En we hebben elkaar, dat zorgt ervoor dat elke tegenslag altijd wel te overzien is. Samen maken we er altijd wat van, gierend van de lach om wat dan ook of volop discussiërend omdat we deze plek ‘echt heel rap’ gaan verlaten.

Omdat onze verwachtingen niet torenhoog liggen, vinden we altijd wel iets moois in elke ervaring, en ja ook in die tegenvallende. Een beetje zon, een lekker maaltje inclusief dat wijntje, en aan het eind van de dag een fijn bed, meer heb je toch eigenlijk niet nodig. Ik niet tenminste. Nou ja, en kunnen zwemmen, dat is eigenlijk ook wel een voorwaarde, maar een dag zonder overleef ik echt wel 🙂

Deze camping was een bewuste keuze, onze vrienden kampeerden op dat moment namelijk op deze plek. En we waren redelijk in de buurt, dus besloten we spontaan langs te gaan. Die lieve vrienden verwelkomden ons met open armen, supergezellig om een paar dagen bij te kletsen, samen te eten en te drinken. De camping was een leukerd, ook door de grote niveauverschillen, in de ochtend mijn broodje halen combineerde ik dus moeiteloos met een training van benen en billen. Aandachtspuntje voor wie het niks vind, steile hellingen.

Vrienden

In die omgeving ben je weinig waard zonder auto, of een fiets en hele dikke kuiten. We zijn wel eens lopend naar het dorpje gegaan hoor, voor een boodschap, de markt en een gezellig terrasje. Maar de ligging van de camping is niet echt ideaal, in mijn ogen tenminste. Onze auto is ons kampeermiddel, dus ik vind het fijn als ik me lopend of met de fiets makkelijk kan verplaatsen. Dat was daar niet echt fijn of eenvoudig, ik mis dikke kuiten namelijk 🙂

Wat niet wil zeggen dat we het niet heerlijk hebben gehad, we hebben genoten, ik vermaak me al snel met bijzonder weinig. Maar deze camping was er eentje in de categorie: geweest, gezien, leuk voor een keertje maar niet nog een keer. Nog maar heel even en dan mogen we hopelijk onze verzameling campings weer wat uit gaan breiden! Ik heb er alvast razend veel zin in 🙂

Shoppen

Het is raar maar waar, ik vind winkelen oprecht geen fluit aan. Ik zie precies wat leuk en niet leuk staat bij een ander, voor mezelf heb ik op dat punt een enorme blinde vlek. Alles wat ik aanschaf past net niet bij elkaar, qua kleur of uitstraling, en het heeft steeds opnieuw ook net niet het beoogde effect. En soms staat iets echt heel erg leuk, en dan zit het weer niet lekker, heb ik dat weer. Ik moet er van zuchten, want het lijkt me heerlijk om te snappen wat je uit die rekken moet rukken. Mijn zus bijvoorbeeld, die weet dat precies, alles staat haar altijd en het past ook nog eens bij elkaar, ook altijd.

En daar bovenop is er dan nog dat geworstel in die kleedhokjes, met dat ene jurkje wat zo heel erg leuk is, of die strakke spijkerbroek. En die moet ik dan aanworstelen zonder steeds half door dat gordijn heen te vallen, jemig, lukt ook echt zelden. Daarbij is winkel in, winkel uit absoluut niet aan mij besteed. Graag meteen slagen in de allereerste winkel. Ja doei, dat is oprecht kansloos. Kortom, winkelen, je mag mij overslaan. Je zou denken dat ik inmiddels een echte homeshopper ben geworden, gezien de huidige tijd, maar nee dus. Ik blijf voor eeuwig een spijkerbroeken en t-shirt meisje gok ik, het zij zo.

Winkelen

Toch waagde ik me vorige week even aan een tijdslot, om fijn snel door de Hema te suizen. Panty, legging, kraamcadeautje, enig. Woon-accessoires, ook leuk, ik was zalig aan het speuren! En allemaal veilige artikelen, dus helemaal geslaagd, zingend door de winkel zeg maar. Nou ja, neuriënd eigenlijk, maar net zo goed. Geen worstelhokjes van binnen gezien of slechte combi’s uitgezocht, Cynt blij. Mijn zus was ook voor een tijdslot gegaan, van een andere winkel, voor tien minuten, tikkie krapper qua tijd, drukkere winkel. Na vijf minuten werd de tijd al luidkeels omgeroepen, en na nog eens drie minuten werd ze al richting de kassa geveegd. ‘Mw, uw tijd is bijna om, u moet nu echt af gaan rekenen’. Ik kreeg het verhaal via mijn vader te horen, met wie wij dat malle gein-gen delen, dus het was alsof ze het zelf vertelde, en ik lag oprecht gevouwen. Het hele scenario speelde zich levendig voor mijn ogen af, in gedachten dan. Wat leven we momenteel toch in een vreemde wereld.

Toch mis ik het slenteren wel, even een winkel in voor iets onnozels of een cadeautje. Voor toch maar dat woonkussen in een andere kleur, of fijne fröbels voor de inrichting. Spontaan snuffelen tussen prachtige boeken of klassieke platen, of snel wat bloeiends en fleurigs halen voor in de tuin. Alhoewel dat wel beter was dat het nog even niet zo makkelijk kon, gezien alle sneeuw en kou momenteel. Maar toch. Al dat fijne, en dat hele spontane, daar verlang ik momenteel echt het allermeeste naar. En jullie?

Op vakantie

Er zijn een aantal zaken die wij mensen met elkaar gemeen hebben. En dat is dan meteen ook dat ene dingetje, als ik onderweg ben richting die fijne vakantie, waar ik soms zo vreselijk rampzalig mee in mijn maag zit. Het lijkt wel of ik altijd moet plassen, als het net niet kan.

Ons busje heeft geen toilet en dat komt vooral door mezelf. Dat ding van ons is gewoon heel erg krap. Ik weiger dus ruimte in te leveren voor een chemisch apparaat, of iets van die strekking, ook al zijn er legio oplossingen voor. Ik vind het armoe, dat legen van want dan ook, dat kan je het net zo goed meteen lozen. Eigengereid, ik weet het heus, maar ik ben er niet vanaf te brengen. Onderweg komen we altijd zat gelegenheid tegen en ook bijna elke franse supermarkt heeft vaak een keurig toilet.

Maar het gebeurd dus ook weleens dat we ergens in een verlaten negorij rijden en dat we echt niks, nakkes, nada tegenkomen onderweg. En dan vervloek ik hartgrondig mijn koppige natuur. Want dan moet je weleens improviseren, wellicht ook herkenbaar, bij andere ‘weleens onderweg’ mensen. Nu heb ik inmiddels een vierliterblaas ontwikkeld, dankzij mijn werk, want je plas ophouden is een vereiste als je #verpleegkundige bent. Maar als ik dan eenmaal moet, dan moet ik ook echt. De liefste hangt regelmatig slap van de lach tegen ons #busje aan omdat er complete modderstromen onder die #camper vandaar komen. Dat zijn dan de momenten dat ik echt nodig moest 🙂 Slap van de lach en vol verwondering, ook dat.

Plassen

camping sanitair

Ooit waagde ik me eens aan #plastuiten, heb je die weleens geprobeerd? Ik vond het echt hilarisch, en vooral ook heel erg onnatuurlijk, dat staand plassen. Daar moet ik dus nog een poosje op oefenen. Ik hield het helemaal droog, maar het gegiechel was mijlenver te horen.

En nu we toch bij dit wat precaire onderwerp beland zijn, ook het sanitair op sommige campings zorgt soms voor regelrechte uitdagingen, ik kan er oprecht een #boek over #schrijven. Want niet alleen tijdens dat onderweg zijn zijn er soms flinke uitdagingen te beslechten. Gelukkig ben ik als jong meisje al regelmatig op trainingskamp geweest in de bergen. De dia’s waarbij mijn hoofd nog net boven een rotsblok uitsteekt, terwijl ik erachter zit te plassen, zijn legio. Bedankt pap 🙂 Maar ook op festivals en kermissen is het bijna voorschrift om die plas lang op te kunnen houden. Die enorme rijen voor de toiletten, brrrrr. Maar ja, dol op een feestje, dus doorbijten meid. Die blaas van mij is echt fors afgetraind, tenminste nog één spier die in absolute topconditie is 🙂

Naast al die rampen, zijn er ook nog de hele uitzonderlijk geweldige plas-gelegenheden. Die staan haarscherp op mijn netvlies, want dat zijn er echt maar een paar. Bij toeval belanden we op een plek waar het sanitair echt heel erg luxe was, op KRK was dat, in Kroatië. De camping zelf was niet mijn type #camping, maar dat sanitairgebouw, wow, echt waanzinnig fijn. Ik keek mijn ogen uit. Ruime douches, geïntegreerde föhns, als een luxe hotelkamer maar dan op een camping. Nog nooit eerder tegengekomen en juist daarom was het zo leuk.

De campings die ik inmiddels bezocht heb, en dat zijn er echt een hele hoop, zijn wat dat betreft allemaal anders geweest. Ik ben razend dol op nieuwe ontdekkingen, ook als ze achteraf bezien niet echt een succes blijken te zijn. Het is de afwisseling waar ik zo van geniet.

Bin there, done that, ook weer afgevinkt, zoiets. Nieuwe avonturen, lof it. Ons eerste kampeerweekeind is inmiddels een feit, met superfijn toilet hoor. Ik kan dan ook oprecht niet wachten om de rest van het jaar weer heel veel nieuws te mogen ontdekken 🙂