Een waaier van diversiteit

Ik ben een schrijver, en daar ben ik retetrots op. Het duurde even, voor ik die woorden in mijn mond durfde te nemen in associatie met mezelf maar inmiddels doe ik het gewoon. Ik ben ook moeder, verpleegkundige, geliefde, dol op muziek en dansen, zelfs als ik wandel, ook dol op engelse detectives en knuffelen. Ik heb een absolute blinde vlek wat betreft mijn eigen kledingkeuzes, maar ik heb voelsprieten voor sfeer en wat andermans gevoelens betreft kan ik tussen de regels door luisteren. Al mijn hele leven worstel ik met mijn lange, verre van platte lijf. Ik ben een waaier, een verzameling van kwaliteitjes, eigenaardigheden, worstelingen en leukigheid. En zo zie ik ieder mens in deze wereld, als een bundeltje van van alles.

Wellicht teveel versimpeld maar zo kijk ik graag naar de wereld en naar iedereen die op deze aardbol woont. Iemands gedrag zegt meer over een persoon dan een seksuele voorkeur, politieke voorkeur of welke andere voorkeur dan ook. Mits je een ander mens geen schade berokkend zal het mij verder een zorg zijn wat je met je leven doet.

Gister stond in de krant dat er aparte lhbti parkeerplaatsen waren gemaakt in een Duitse stad, over hokjes gesproken. ik denk dan alleen maar ‘waarom’? Net zoals we kleding en toiletten gender neutraal moeten worden gemaakt, wederom ‘waarom’? Waarom willen we iedereen zo ontzettend graag in hokjes proppen, er labeltjes aan hangen en ter goedkeuring afstempelen? Al die prachtige, flamboyante, excentrieke paradijsvogels op deze wereld ringeloren, we zijn mensen, punt. Zorg dat elke toilet toegankelijk is voor iedereen, zonder stempeltjes, stickers en voorkeuren. Zet gewoon een maat in kleding, wie wat aantrekt moet diegene lekker zelf weten. Zonder uitgesproken poppetjes of tekentjes, lijkt me ruim voldoende.

Gender neutraal

Ik vermoed vooral dat ze anders niet weten hoe ze hun marketingcampagne vorm moeten geven of hoe ze ergens slaatjes uit kunnen slaan. En maar roepen, kijk mij eens onbevooroordeelt zijn. Om heel eerlijk te zijn, ik wordt er een soort van moe van, van al het gedoe. Zonder iemand tekort te willen doen, vooral dat, maar willen we nou echt voor iedereen een apart labeltje bedenken? Maak dan maar aparte parkeerplaatsen voor mensen die niet kunnen inparkeren of voor jonge gezinnen die een lading troep mee moeten sjouwen, als je dan toch iets bijzonders wil doen 😉 Groepen uitsluiten of bevoordelen is meestal olie op akelige vuurtjes en je bereikt ongeveer het tegenovergestelde. We zijn allemaal bijzonder en eigenaardig tegelijk.

Ik hoop vooral hartstochtelijk dat ik in geen van die hokjes pas of in een hele hoop tegelijk. Ergens bij horen is iets heel anders dan in een hokje gestopt worden. Laten we het lekker eenvoudig houden. We zijn allemaal mensen met een waaiertje van prachtige eigenschappen die ieder van ons bijzonder maakt, zonder uitzonderingen. Dat zou toch wat zijn, als dat het uitgangspunt is 😉

Gezond koken

Ik ben absoluut geen keukenprinses maar ineens stond ik afgelopen week iets nieuws te proberen, met boerenkool en spruitjes notabene. ‘Sta ik hier nou gewoon een beetje keukenprinses te zijn’, dacht ik bij mezelf. Het was wonderbaarlijk maar waar. Het is oprecht leuk om nieuwe recepten uit te proberen, ook al was die eerste poging om de curry van Chantal na te maken een tikkie teveel van het goede, een Madame Jeannette of wat teveel zelfs 😉 Maar als ik lekker in mijn vel zit, en ruimte heb in mijn hoofd, dan lukt dat uitproberen prima. Het gaat een beetje op en af, soms ontbreekt de zin of de energie. Afgelopen week lukte dat buitengewoon, dat uitproberen.

Vroeger vond ik er geen fluit aan, aan dat koken. Ik bleef een beetje in hetzelfde hangen toen de kinderen klein waren. Onze meiden waren totaal verschillend in wat ze wel en niet lusten. Koken vond ik dus een noodzakelijk kwaad, een mens moet wel eten tenslotte. Maar #Masterchefaustralia heeft daar absoluut verandering in gebracht. Zomaar onverwacht bleek ik best te kunnen koken, vanaf een recept hoor, dat vooropgesteld, maar toch.

Want dat sterke geheugen van mij bleek tijdens zo’n uitzending razend handig. Ik schreef mee terwijl zij kokkerelden, maar ik onthield tegelijkertijd ook hoe het werd gemaakt. Wanneer ze wat deden of toevoegden en alle tussenstapjes. Ik was er zelf oprecht verbaasd over, dat ik dat kon. En toen ik dus zelf iets na ging maken smaakte het zowaar.

Nieuwe recepten

Na jaren met frisse tegenzin steeds een beetje in hetzelfde cirkeltje te hebben gekookt, ging ik zo af en toe iets anders koken. In mijn verdediging: ik heb jaren wisseldiensten gedraaid en zeker tijdens die nachtdienstjaren was er maar weinig waar ik energie voor had, naast de zorg voor mijn gezin. Nu is er meer balans en ruimte voor mezelf.

Ik ontdek nog steeds nieuwe receptjes maar er zijn ook een paar, van Gary uit een aantal Masterchef afleveringen, die ik nog steeds maak. Dat komt ook door de liefdevolle sfeer van die show en de schoonheid van dat pure programma. Het wakkert mijn enthousiasme aan, maakt dat ik ook iets lekkers wil maken. Geen geniale hoogstandjes zoals zij dat doen, maar wel lekker genoeg om die pan uit te likken 🙂

Mijn favoriete kookboek

Zoek je nog een toptip? Het boek ‘De wereldse bakplaat’ vinden wij oprecht geweldig en zeer divers. Daarin speuren we regelmatig naar een nieuw idee om eens iets anders te koken. Simpel en smaakvol. En dat recept met boerenkool, pasta en spruitjes? Hoe gruwelijk het ook klinkt, het was echt zalig 😉

Hunkerend naar goedkeuring

Het grootste deel van mijn leven leefde ik hunkerend naar goedkeuring. Dat zag ik toen niet goed, dat ik dat naarstig zocht, dat soort inzichten krijg je vaak pas achteraf. Maar de mening van anderen over mij en mijn leven kleurden mijn eigen gedachten over mezelf. Raar maar waar. Het duurde een hele poos voor ik mezelf omarmde, en me realiseerde wie ik eigenlijk was. Jezelf accepteren vergt naar binnen keren en ik kon dat niet goed. Het leven is soms ingewikkeld.

De tijd dat ik met een schuin oog naar anderen keek omdat ik ‘ook zo wilde zijn’ liggen gelukkig inmiddels ver achter me. De bewondering is er nog hoor, voor talenten of mooie eigenschappen, maar ik zie ze inmiddels ook bij mezelf. En de mindere accepteer ik nu met een vorm van mildheid.

Hoe graag wilde ik altijd een tikkie mysterieus en weergaloos zijn. Nu moet ik erom grinniken, want als ik iets niet ben is het dat wel. Van dat mysterieuze zou ik alleen maar zenuwachtig worden. Ik ben eenvoud denk ik weleens. Ik wordt blij van de kleinste dingen, en van alleen zijn en uren wandelen, het is een steeds aanwezig verlangen naar rust en stilte. Niet omdat ik niet van mensen en gezelligheid houd, maar omdat het zo lekker prikkelarm is. Geen ingewikkeld gedoe, pijnlijke gesprekken of ongemakkelijke stiltes, alleen maar ‘zijn’ en bewegen. Ik weet dat ik een beetje ’to much’ ben bij tijd en wijle, door dat hele enthousiaste, ik voel de rollende ogen soms. Maar dat borrelende blij diep van binnen heeft een uitlaadklep nodig. Daar heb ik me veel te lang voor geschaamd, voor alles wat ik ben en vooral ook voor wat ik niet was.

jezelf accepteren

Stukje bij beetje leerde ik wat bij me pastte, ook door die grenzen die ik meer dan eens passeerde. Ik durf ze inmiddels aan te geven, om vol overtuiging de keuze voor mijn eigen zelfbehoud te maken. Vroeger vond ik dat ik alles moest doen wat er van me werd verlangd. Hunkerend naar waardering die maar niet kwam, passeerde ik grens na grens.

Het voelt vrij, dat jezelf accepteren. Verre van perfect maar wel, leuk. Positief, liefdevol, vol zelfspot en krachtig, ik kan een rots zijn als het moet. Dat hart van mij is grenzeloos, en razend vol liefde. En ik kan ontzettend suf zijn, mal zelfs, irritant, niet politiek correct en een tikkie onhandig. Mijn directheid, daar moet ik zelf soms ook van slikken. Dat hunkeren heb ik losgelaten. Ik ben tevreden, dacht ik vanmorgen, tevreden met niks. Ook al google ik met enige regelmaat ‘landelijk huisje’ of ‘werken in een desolaat gebied’. Ik blijf wel Cynt natuurlijk 😉 Maar in de huidige waanzin moet ik proberen die tevredenheid te blijven zien. Zoals in de tekst van dat fijne liedje: Wat is er meer dan de zon die mijn lichaam verhit en de tijd die ik bezit. Zonde, om je dan druk te maken over het geneuzel van een ander 🙂

Helemaal alleen

Het is guur buiten en in gedachten loop ik het korte stukje naar het adres waar ik die nacht zal waken. Het huis waar ik moet zijn ligt dicht bij mijn eigen paleisje, maar onze werelden liggen mijlenver uit elkaar.

Ik bel aan en een tiener doet de deur open. Pas zeventien jaar is hij, zijn broer is negentien. Twee tienerjongens in hun trainingspak, pukkels in het gezicht, petje scheef op hun jonge koppies. De wreedheid van deze situatie beneemt me de adem. Haar bed staat prominent in de kale kamer, de eetkamerlamp hangt er gedeeltelijk boven en het felle licht is kil en wit. Er is geen welvaart in dit eenvoudige huurhuis, de spaarzame meubels staan wat verloren in de ruimte. De overduidelijke armoede is schrijnend. Ik voel de weerzin in mijn lijf, die weerzin die ik de hele dag al voelde toen ik dit adres door kreeg. Ik ben altijd onrustig als ik moet waken bij een jong gezin, want de beelden zijn van een heftigheid die altijd onder mijn huid kruipt. En ook nu weer zegt één beeld wel duizend woorden.

De jongens kussen hun moeder welterusten en gaan naar bed, morgen is het weer ‘gewoon’ een schooldag. Ik kijk ze na terwijl ze samen de kamer uitlopen, de smalle gebogen schouders waar zoveel leed op rust. Hun vader kennen ze amper, die woont zelfs niet in hetzelfde land als deze twee jongens. Er is geen liefdevolle opa of oma, geen netwerk waar op terug gevallen kan worden en ze zijn te jong om financieel op eigen benen te staan. Deze twee staan al drie-nul achter in het leven en dan moet dat van hun eigenlijk nog beginnen.

Armoede

De rest van de nacht zit ik naast haar bed. Zelf heeft ze maar weinig zorg nodig zegt ze, ze is vooral bezig met de zorg voor haar kinderen. Al haar energie besteed ze aan haar jongens en aan ‘hoe verder, straks’. De scherpte van sommige levens is oprecht onmenselijk. Want waar sommigen alles schijnbaar cadeau krijgen tijdens hun bestaan, blijft dit gezin maar weinig bespaard. Hun leven staat bol van armoede en verlies. De paar nachten die ik naast haar bed zit geef ik alle warmte die ik in me heb, luister ik vooral, ik kan veel te weinig doen. Een week of vier later overlijd ze, thuis in alle rust, met haar jongens naast haar bed. Niet veel later verhuisden zij naar een tante, ver van de plek waar ze thuis waren. Extra pijn er bovenop gestapeld.

De afgelopen weken las ik er regelmatig over, over jong volwassenen die hun thuis moeten verlaten na het overlijden van hun vader of moeder. Vorig jaar nog overkwam het Sam, de zoon van een oud-collega, toen zijn moeder veel te jong overleed. Extra pijn bovenop al het leed dat er al is.

Naast alle wachtgeldregelingen voor politici en allerlei gesuikerde regelingen voor diplomaten zou het ook oprecht prachtig zijn als we een vangnet creëren voor deze kinderen. Een liefdevolle financiële handreiking. Zodat hun thuis ook gewoon hun thuis mag blijven na het overlijden van hun pap of mam. Hun leed is dan tenslotte al groot genoeg. Goed idee toch?

Ik schreef een boek over al mijn zorgervaringen en goot er ruim 30 jaar ‘zorgen voor’ in. https://www.uitjeervaring.nl/zorgliefde.html

Vertragen

Ik ben dol op de eenvoud van het leven, maar het duurde wel even voor ik de rust had om het te zien. Er waren genoeg jaren dat ik werd verslonden door alles wat ik nog wilde bereiken. Ik vergat rustig na te denken over wat ik nou eigenlijk aan het doen was, ik draafde en ik draafde maar door. 

Meer, anders, beter, ik vergat te zien wat er al was.

Ik herken het inmiddels bij mezelf, dat doordraven, en soms sluipt het nog steeds stiekem dichterbij. Dan betrap ik mezelf op chagrijn, of gemopper, en voel ik irritatie bij mezelf. Dan is er ’te veel van alles’ wat niet goed voor me is. 

De rust opzoeken is dan mijn enige remedie.

De huidige tijd leent zich er absoluut voor, om over je toeren te raken of verslonden te worden door negativiteit. Er is bijna geen ontkomen aan alle prikkels. Stemmingmakerij en gekte vieren hoogtij. Logisch dat veel van ons zich mee laten slepen. En dan doel ik ook op alle haat die online lukraak wordt uitgebraakt. Ik heb er in mijn hoofd al duizend keer een scherp stukje over geschreven. En steeds opnieuw besluit ik het niet te doen. Ik wil me niet over geven aan de dwaasheid van onze huidige tijd. Ik volg liever mijn eigen gevoel, houd begrip voor iedereen, en hoop oprecht dat iedereen dat houdt. 

We verliezen elkaar als we dat niet doen, en wat voor wereld wordt dit dan?

Eenvoud

Ik weet wel dat ik me wat dat betreft zo langzamerhand steeds minder thuis voel in onze huidige maatschappij. Dat lukraak beschadigen van mensen, links en rechts. 

Die zogenaamde vooruitgang van de huidige tijd voelt veel te vaak als achteruitgang. 

De afgelopen weken waren we heerlijk op zwerftocht, en ik heb echt absoluut niks gedaan. Gewoon niks. Plaatje geschoten, tukkie gedaan, potje ping-pong gespeeld, boek gelezen. In de middag trok ik nog maar eens een fles rosé open. Wat ik vooral niet heb gedaan is die krant lezen, en ook social media heb ik veelal ontweken. En het was zalig. Weken van eenvoud en van zalig buiten zijn. Alleen lastige sprinkhanen om me druk over te maken 😉

Het is pure rijkdom, dat voel ik in mijn hele wezen. Gaan en staan waar ik wil. 

Vrijheid.

Terug naar de eenvoud, mezelf her-ijken. Ik ben zo dankbaar dat ik het kan. Mijn energie bruist weer, ik voel het stromen. 

Japie, the sequel

Voor iedereen die weleens kampeert zijn beestjes en ongedierte in tent of caravan een welbekend verschijnsel. Deze vakantie, en meerdere vakanties voor deze, worstelde ik met het zogeheten ‘sprinkhanen fenomeen‘, ze bleven steeds maar overal opduiken. Ik was nog maar net bekomen van de schrik van dat malle beest in mijn favoriete wc-hokje, toen ik hem diezelfde avond weer terug vond in de nok van ons vouwdakje. Collectief brein, ik was overtuigd inmiddels 😉

Wederom werd hij er vol overgave uit gebonjourd, vanzelfsprekend. Maar de volgende ochtend zat hij gewoon weer met een uitgestreken gezicht op mijn gezellige gordijntjes. Ik was niet eens meer verbaasd, niet meer echt tenminste. Linkmiechels dacht ik alleen maar, jullie krijgen me niet gek, wacht maar.

Diezelfde dag vertrokken we weer richting Nederland, er werd hoog water verwacht van die fijne rivier waar we naast stonden, dus was het hoog tijd om te verkassen. Maar niet voor ik alles nog eens extra had nagelopen. Ik was er van overtuigd dat ik mijn tijdelijke huisje ‘ontsprinkhaant’ had. Tijdens de reis grapte ik nog gekscherend tegen de liefste. ‘Zal je zien, maak ik onze tas met wasgoed open, komt hij weer tevoorschijn’. De liefste knikte grijnzend, dat zou namelijk echt iets voor mij zijn, gezien het verloop van deze sprinkhaan soap.

Ongedierte

De uren regen zich aaneen, tijdens die reis naar huis, en na een lange dag in de auto werd het alweer donker buiten. Fijn weer bijna thuis, dacht ik bij mezelf terwijl ik iets voelde kriebelen bij mijn arm. Ik verlies nogal eens een lange blonde haar dus kriebels van losgeraakte haren zijn me niet echt vreemd. Lichtelijk afwezig en vermoeid draaide ik me half om, om die haren van me af te vegen. En daar, pontificaal op het randje van mijn armleuning, zat Japie.

De hufter dacht ik meteen, die smerige linkmiechel heeft het gewoon gepresteerd om mee te liften. Hij lachte, heel smerig, terwijl hij daar gewoon wat zat te zitten. De liefste moest lachen,’hij vind je gewoon leuk’, maar ik was not amused. Na twee pogingen, want ja het springt, zo’n sprinkhaan, heb ik hem richting de snelweg gestuurd. No mercy, ik was er helemaal klaar mee, met dat sprinkhanen gedoe. Alleen een beetje jammer dat ik de rest van de weg overal kriebels voelde 🙂

Japie

Ik heb tijdens mijn franse kampeeravonturen iets van een historie opgebouwd met sprinkhanen. Vorig jaar hebben we een sprinkhaan na een week of vier nodeloos wegjagen maar een naam gegeven, maar ik ben er dus alert op. Tijdens het opruimen van onze opblazer kwam ik er weer eentje tegen, die zwierf al een paar dagen rond onze kledingkist, ik gok een grote broer van onze verstekeling van vorig jaar. Maar ik hield hem strak in de smiezen, en onze kledingkist hermetisch gesloten, dit jaar gaf ik ze geen kans. We hebben hem met enige egards ‘de tent uit gejaagd’. Ha, die was mooi uit de buurt, ik glom van blijdschap.

Na een zalige warme dag begonnen we gisteravond aan onze vaste ‘slaapkamerinspectie’. Overdag staan de deuren van ons volkswagenbusje lekker open. Een beetje frisse lucht in de slaapkamer kan geen kwaad tenslotte, maar er vliegt gedurende de dag dus ook van alles naar binnen. Dus lopen we voor het slapen gaan alles nauwgezet na. Bij sein veilig sluit ik onze hor en kunnen we plat. Je raad het al, een nazaat van Japie zat in mijn geel-wit geblokte gordijntjes. De liefste bonjourde hem resoluut naar buiten en we sloten de tent. ‘Opzouten’ riep ik hem nog opstandig na, want dan ben ik wel stoer, als ze eenmaal uit het zicht zijn 😉

Sprinkhaan

Middenin de nacht riep die welbekende roep der natuur me luidkeels mijn warme bedje uit. Genietend van een waanzinnige sterrenhemel sukkelde ik richting sanitairgebouw. Nu heb ik nogal een malle afwijking, ik stap het liefst altijd hetzelfde hokje in. Terwijl mijn hand halfslaperig naar het slot reikte slaakte ik een, hopelijk damesachtig, gilletje. Die enorme weggejaagde rotzak zat geniepig op het slot genesteld. Ik vermoedde vuil spel maar ja, bewijs het maar eens, die sprinkhanen zijn wat dat betreft echte linkmiechels. Toch was ik achterdochtig omdat hij precies in ‘mijn’ hokje zat. Volledig wakker geschud vluchtte ik snel een andere in.

Terwijl ik nog aan het bekomen was van de schok stapte ik even later het hokje uit. Middenin het gangpad zat hij me doodstil op te wachten. De gedachte dat er een algeheel collectief brein achter die hele sprinkhanen kolonie zit werd in mijn gedachten steeds realistischer. Met een grote boog liep ik om hem heen en argwanend achterom kijkend kroop ik mijn warme bed weer in.

Gelukkig gaan we morgen richting huis. Nadat ik alles nauwkeurig heb gecheckt natuurlijk, ik neem mooi geen enkel risico meer 😉

Gezapig

We zijn vandaag precies een week weg, en die week voelt als een eeuwigheid. Herken je dat, dat er al zoveel gebeurd lijkt te zijn dat een week als weken voelt? Zo voelt het voor mij tenminste, alsof ik al weken weg ben. Alle drukte en het gedoe liggen ogenschijnlijk op grote afstand van deze serene plek.

Objectief bekeken gebeurd er bijzonder weinig, ik zwem eens wat in de rivier, doe een boodschap, klets wat met de buren en schrijf een stukje of lees een boek. Het is gezapig, dat leven hier, en ik wentel me erin. Het is volop genieten van getuttel, ik rommel lukraak wat door de dag.

Dat het hier heerlijk warm is helpt natuurlijk ook, ik begin in mijn bikini en laat in de avond loop ik nog steeds in dat ding. Temperaturen om van te watertanden. Dat zuidelijke is zo zalig. Dag na dag rijgt zich aaneen, met koffie en een croissant, de zwoele geur van rijp fruit en gekoelde flesjes rosé. Het is eveneens een vakantie die zich kenmerkt doordat ik eens niks moet van mezelf en dat is een unicum.

Elke dag laat ik maar een beetje op me afkomen, geen plannen en geen verplichtingen. Elke ochtend word ik op mijn gemakje wakker, van de zon of het gerommel van de mussen. Dan slenter ik over de camping om een vers broodje te halen terwijl de liefste zorgt voor koffie. De ochtendzon schijnt warm op mijn gezicht, en het is stil om me heen. Niks anders dan groen, een rivier die glinstert als een spiegel en die zalige warmte op mijn lijf.

Dat wandelingetje zo vroeg in de ochtend daar geniet ik volop van, net als die eerste plons in de rivier als de rest van de camping nog slaapt. Met mijn eerste kop koffie nestel ik me vervolgens in het zonnetje, mijmer wat voor me uit en besluit dat ik die dag wederom niks moet. Gezapig in optima forma, en ik vind het hartstikke prima allemaal. En het allerfijnste? Ik mag nog zo’n week 😉

Geachte inbreker

Geachte inbreker,
Ik schrijf u naar aanleiding van uw brute inbraak van afgelopen nacht in het huis van mijn ouders. Mijn ouders, beide 82 jaar, waren gelukkig niet thuis toen u besloot om u zelf met grof geweld toegang te verlenen tot hun thuis. U liet hun veilige plek in complete ravage achter, in uw zucht naar hun waardevolle bezittingen. Zelfs de bodems van diverse kastjes lichtte u eruit, in de hoop op geheime bergplaatsen en verstopte rijkdommen.

Gelukkig ging u aan het elfstedenkruisje van mijn vader voorbij. Hij schaatste de tocht der tochten tweemaal, samen met zijn jongste broer. Machtig mooi was dat, wat waren we trots op hun prestatie, en nog steeds zijn we dat. Zijn jongste broer was eveneens zijn beste vriend en zijn sportmaatje, alle twee dol op gekkigheid en razend ondeugend. We waren allemaal gek op dat bijzondere mens, zijn liefde was zo waardevol, zo dierbaar. Hij mocht helaas maar vijftig jaar worden en ook daarom is dat kruisje van onschatbare waarde, door alles wat eraan vastkleeft.

De stapel hardloopmedailles van papa, die u zo rijkelijk over de vloer van mijn oude slaapkamertje verspreidde, liet u achter als oud vuil. Mijn vader kreeg kanker, toen ik nog maar een kleuter was, en een poosje was het heel erg spannend of hij het wel zou halen. Na zijn ziek zijn ging hij hardlopen, en elke medaille die hij daarna behaalde is pure rijkdom.

Waardevol

Vervolgens keerde u het sieradenkistje van mama ongeduldig ondersteboven, en waarschijnlijk trok u uit pure frustratie een deel van haar kralenkettingen stuk. Want de macaroni-kettingen en goedkope van plastic waren niet wat u had verwacht toen u het kistje opende. Dat gok ik tenminste. Voor mama staan ze echter voor de liefde van haar kinderen en kleinkinderen, ze staan voor al die moederdagen en andere speciale dagen waarop ze zelfgeknutselde of goedkope prularia cadeau kreeg. Dat alles heeft u nu bezoedeld en bepoteld, wreed stukgemaakt en vertrapt. Alles wat zo waardevol is, werd door u vernield. Dat niet alles wat voor een ander waardevol is, geld waard is kan ik u vast niet uitleggen.

Ik heb niet de illusie dat u verantwoording af moet leggen voor wat u gedaan hebt, daar heb ik me al bij neergelegd. Ondanks de enorme inzet van de forensische dienst. Toch wil ik u hierbij graag meegeven dat u een kansloze kneus bent. Om iemands veilige plek zo volledig te vertrappen. Omdat u zelf te lui of te stom bent om uw eigen geld te verdienen. Ik denk te stom, dat weet ik eigenlijk wel zeker, absoluut te stom. De ontzetting en het verdriet in de ogen van mijn ouders was vreselijk om te zien. Blijkbaar is niets veilig voor de grijpgrage handen van losers zoals u. Mocht karma echt bestaan, dan hoop ik oprecht dat het u keihard te pakken krijgt.

Verdwaald

Soms verdwaal ik in dat doolhof van mijn gevoelens, dan voel ik van binnen zo veel dat ik eronder bedolven wordt, verslonden bijna. Ineens mis ik de rust en de kalmte die ik de afgelopen maanden voelde, is daar alleen maar onrust en ongemak. Ik weet waar het door komt hoor, het komt door die naderende herfst. Ook al vind ik het altijd een fijne periode, met kaarsjes, haardvuren en knus, ik zie ook wat op tegen het donker.

Het voelt alsof ik te weinig heb genoten van de zomer, van de lange lichte dagen en veel buiten zijn. Wat onzin is natuurlijk, want ik ben heel veel buiten. Elke dag, urenlang voor mijn werkdag begint en erna ook weer. Het is het gemis van dat ontmoeten dat ik nu meer dan ooit voel, het gemis van alles wat nu al twee zomers aan me voorbij is gegaan.

Het zit hem ook in deze week, dat weet ik ook, in die kermisweek waar ik altijd zo naar uitkijk. Dat zalige van dat zorgeloze feesten, dat even niks hoeven maar alles mogen. Drie dagen lang samenzijn met al die lieverds die ik soms een heel jaar heb gemist. Die mis ik nu al twee jaar en het begint zich keihard te wreken.

Dramatisch

Diep van binnen voel ik heel even de wanhoop, dat ‘hoe nu verder en waar eindigt het’. Ik voel overduidelijk de opstand diep in mij, want alles waar ik zoveel waarde aan hecht ‘mag en kan’ nu niet. Nog steeds niet of nog even niet, wie zal het zeggen. Ik hoop het laatste, ik gok het eerste.

Dus vlucht ik nog even, ontvlucht ik nog even. Ik ga voor een paar weken lichttherapie middenin de natuur. Opstaan met de zon, en slapen gaan als hij weer prachtig ondergaat. Alleen maar buiten zijn, in complete stilte en afzondering. Niks hoeven maar alles mogen. Een paar weken schrijven, wandelen, zwemmen en ontspannen. Die kluwen van gevoel ontwarren en langzaam tot rust laten komen. Klinkt wat dramatisch? Absoluut waar, maar de wereld voelt bij vlagen wat dramatisch op dit moment. En dat ik het even kan ontvluchten is oprecht zalig!