Dansen in de regen

Warm he?! Die hittegolf begint behoorlijk zijn tol te eisen. Ik ben er al zo moe van en ik ben nog een jonkie. Een jonkie midden in die opvlieger-periode, dat dan weer wel, niet echt heel lekker tijdens zo’n hittegolf. Het is het welbekende schepje erbovenop.

Bij ons op kantoor ben ik niet de enige gelukkig, we zitten met vier collega’s in dat overgangsschuitje. Maar hoe warm wij het ook hebben, ik denk vooral aan mijn zorgcollega’s en iedereen die niet zelf de verkoeling kan opzoeken. Gister stond ik een dag in zorg, had ik een thuiszorgrondje in Wijk aan zee. Hele stoeten strandgangers trokken aan me voorbij, terwijl ik gezellig heel veel lieverds aan het verzorgen was. Met dikke vette zweetparels op mijn hoofd natuurlijk, dat ook. Die warme, veel te krappe douches, brrrrr, gelukkig maakt die dankbare glimlach naderhand een hoop goed.

Hittegolf

Vandaag op kantoor was het echt niet veel beter, we hadden alle ventilatoren zo tactisch mogelijk neergezet om elk windje te vangen. Stel je even die reclame voor van heel veel jaren terug. ‘Pam, je haar danst’? Ken je hem nog? Zo zaten wij er ongeveer bij vandaag, met wapperende haren recht voor die draaiende ventilatoren. Het hielp geen fluit natuurlijk, ik gok dat die temperatuur ruim boven de dertig graden kwam. We zwelden allemaal op als ballonnetjes.

Ik weet het, niet mopperen. Dat hele fijne, mooie weer, ik hou er echt heel erg verschrikkelijk van. Net als dansen in de regen trouwens, daar hou ik ook echt heel erg verschrikkelijk van. En dan het liefst vanavond nog 🙂

Een stammetje

Eigenwijs, zo zou ik mijn vader en zijn broers en zus absoluut noemen. En wijsneuzerig, eigengereid en dol op eenvoud. Luxe is niet erg aan ze besteed. Superlatieven genoeg om ze te omschrijven. Maar ze zijn ook altijd in voor een lolletje en niet vies van een feestje. Niet erg van de gevoelens tonen, die houden ze lekker verborgen, wel paraat als je ze nodig hebt. Altijd. Wij noemen dat het Stammen-gen, en ook al mijn neven en nichten herkennen het bij hun ouders.

Het duurde best wel even voor ik het in de gaten had, dat stammendingetje, maar zo rond mijn puberjaren begon ik het te zien. Mijn vader noemt die leeftijd altijd’ de leeftijd dat je kinderen leuk worden’. Lekker direct pap, ook zo’n herkenbare eigenschap. Gelukkig vond hij onze jongere jaren ook leuk. Maar de jaren dat we mooie gesprekken gingen voeren, en hij kon zien wie zijn dochters waren geworden, vond hij het interessantst gok ik.

Eigenwijs

Ik schreef er al eens eerder over, over mijn familie en hun bijzondere eigenschappen. De gezamenlijke kampeervakantie in Wateren bijvoorbeeld, waar we lek werden gestoken door muggen. Gingen ze binnen zitten? Echt niet, met vuilniszaken werden delen blote huid ingepakt, mutsen gingen over kale koppen heen en een scheutje drank zorgde voor de rest. Hilarische momenten en prachtige herinneringen zijn dat. Mijn omaatje deed om het hardst mee aan al die gekkigheid.

Zalige feestjes waarbij ineens spontaan optredens moesten worden verzorgd, kermissen en malligheid. Gek was niet gek genoeg. Zelfverzonnen woorden die iedereen in de familie meteen begrijpt, we hebben er een hele hoop. Maar ook die urenlange wandelingen alleen. Ik ben er net zo dol op als een groot deel van de familie.

Mijn zus tagde me toen ze bovenstaand shirt op social media tegenkwam. Ik moest er om grijnzen. Waarna ik hem besteld heb natuurlijk. Want ook al heet ik inmiddels al heel lang ook Poen, ik blijf voor altijd een rasecht stammetje 🙂

Kamperen in de rust

Wat ik vorig jaar nog onvoorstelbaar zou hebben gevonden, is de afgelopen maanden ineens dagelijkse kost. Het scenario leest als een slechte film, ware het niet dat we daar niet als een doornroosje uit wakker worden gekust. Helaas mag ik wel zeggen.

En ook het reizen wereldwijd is aan banden gelegd. Gelukkig hebben we ons busje en kunnen we met gemak gaan en staan waar we willen. We volgen de berichten op de voet en kiezen op het laatste moment waar we onze vakantie dit jaar vieren. En waar het niet retedruk is, dat ook. Toeristische trekpleisters zijn toch al niet erg aan ons besteed, wij vinden rust en ruimte belangrijker.

veel te druk

Veel te druk

We probeerden het heus weleens hoor, toen we ons busje net hadden. Een paar jaar geleden gingen we naar Krk. Zelden zag ik mooier water dan daar. En wat een luxe op die camping. Maar het zorgde natuurlijk ook voor een enorme hoeveelheid mensen dicht op elkaar, het was er voor mij veel te druk. Ik ben al niet zo dol op drukte, maar in het licht van onze huidige tijd is het maf om daaraan terug te denken. Wij bleven er maar even, reden daarna snel door naar een Italiaanse camping waar ik prachtige jeugdherinneringen aan heb. Ook aan een natuurlijk water want daar ben ik dol op.

Water en de schoonheid van de bergen, en op die plek was het al vele malen fijner.

Nog maar een paar weken voor we weer op pad gaan. Wellicht wordt het een rondje Nederland, wellicht Zuid-Frankrijk. De vrijheid om keuzes te maken is ook waarom ik zo dol ben op dat camperleven.

Hittegolf

We zuchten met zijn allen onder de huidige hittegolf. En hij is nog maar net een dag of twee oud volgens mij. Gelukkig wonen wij heel dicht bij het strand, ik moet er niet aan denken dat ik op een flatje midden in de stad woon met die warmte, horror lijkt dat me.

Dichtbij dat strand dus, wat een zaligheid is dat. Lopend of met de fiets ben ik er zo, en als ik heel lui ben pak ik de auto. Op hele warme dagen, gruwel ik van de drukte. Voordat ik dan op dat strand ben, ben ik al oververhit en plakkerig. En dan moet ik ook nog terug. Maar heel vroeg in de ochtend is het fantastisch, dan is dat strand oprecht een cadeautje. Vanmorgen togen de liefste en ik dus in alle vroegte richting dat verkoelende water, na een warme plaknacht. Er is weinig fijner om dan even in die zee te plompen.

Wegen naar het strand

Genoegzaam lag ik afgekoeld te dobberen in dat water, het geruis van de zee om me heen, af en toe het geklapwiek van een spelende meeuw en stilte, verder niks dan stilte. Geen zuchtje wind en golven waren er nauwelijks. Voel je het ook? Lekker he?!

wegen naar het strand

We dronken onze meegenomen kop koffie en zaten intens tevreden met onze voeten in het zand naar dat gekabbel van die zee te kijken. Vanuit die rust reden we naar huis, raampjes open, de zilte geur van de zee nog om ons heen. Heerlijk ontspannen reden we een enorme hoeveelheid verkeer tegemoet. Ik heb het echt nog nooit meegemaakt dat het al zo vroeg, zo druk was op de wegen naar het strand. En ik woon hier al mijn hele leven. Vanaf de doorgaande weg kwam ons één onafgebroken sliert auto’s tot aan Wijk aan Zee tegemoet en het was pas half negen.

Een krap uurtje later bleken alle wegen richting het strand al vol te staan met trappelende badgasten.( inclusief auto natuurlijk, al moet ik grijnzen bij het beeld van trappelende badgasten zonder :-))

Ik zat inmiddels ook te trappelen. Intens tevreden in de schaduw van onze achtertuin, met mijn voetjes in een bak water. 🙂

Zaligheid

Zo’n hele lege dag, waarop je niks moet maar alles mag. Vandaag had ik bedacht dat dit zo’n dag zou worden. Geen gesop, geen verplicht gedoe, alleen maar doen waar ik zin in had. En wat was het zalig. Ik zou naar buiten gaan, zoveel was zeker. En omdat we zo waanzinnig mooi wonen is de keuze echt reuze, zelfs onze vakantie vierden we een keer vlakbij huis.

Wakker worden, koffie drinken en dan gewoon maar wat aanklooien. Boodschapje, wasje draaien, beetje opruimen. Ik maakte een zalige wandeling tussen al dat groen, om vervolgens even naar het strand te rijden. Want dat strand is ook om de hoek. Mijn lieve vriendin heeft er een huisje en het was hoog tijd om weer eens bij te kletsen. Vol in de wind, met de zon op mijn bol en uitzicht op een zee vol kitesurfers, zat ik me toch een potje lekker. Dat gevoel dat ik krijg van dat oneindige rollende water, ik wordt er altijd zo ontspannen van. De zee werkt en ik laat los.

Zee

Op de terugweg reed ik langs een kwekerij bij ons in Heemskerk, deze week was haar pluktuin weer geopend en ik zag mezelf al helemaal heerlijk tussen al dat kleurgeweld struinen. Nou had ik mijn collega’s kroketten beloofd, omdat ze zo lief waren toen dat rottige steentje roet in het eten gooide. Maar bloemen vond ik ook wel een goed idee, beter in verband met het buikspek zeg maar.

De pluktuin was prachtig, met een keur aan verschillende bloemen in allerlei kleuren. Als een hebberige graaier liep ik gewapend met knipschaar en emmertje langs de rijen bontgekleurde bloemen. Nadat Marty uitleg had gegeven natuurlijk. Ik wil niet op mijn geweten hebben dat ik een hele prachtige pluktuin verwoest.

En op die fijne plek liep ik volkomen toevallig een lieve vriendin tegen het lijf, die had dezelfde gedachte gehad als ik, ook weer enig. Het maakte een fijne dag, nog weer een beetje fijner.

Volkomen tevreden kwam ik een paar uur later, met mijn armen vol bloemen en een hoofd met een bos zeehaar( kustbewoners weten wat ik bedoel) thuis. En met een grote grijns, die ook!

Middle of nowhere

We plannen een hele hoop in het dagelijkse leven, de liefste en ik, maar veel plannen als we op vakantie zijn doen we liever niet. Op de bonnefooi op avontuur gaan vinden we geweldig. Daardoor vonden we deze hele kleine camping boven op een berg in Toscane. Ik moest echt even zoeken waar het precies was want ik schreef toen nog niet mee. Halverwege de berg dacht ik echt dat we verkeerd zaten en het pad erheen was een ramp. Maar de theedoek die ik noodgedwongen in een dorpje vlakbij kocht omdat ik de mijne was vergeten heb ik nog. Ik ben niet zo’n beste huisvrouw, en dat stapeltje theedoeken dat mee moest lag helaas nog thuis op de aanrecht.

Die ene Italiaanse die ik daar kocht is nog steeds mijn favoriete vakantie theedoek 🙂

Bovenop die berg dus. Caravans konden er niet op, te smal en te steil. ( inmiddels is dat iets veranderd volgens mij) Er stonden dus alleen tentkampeerders en dat was best bijzonder. In de ochtend kon je wat afbakbroodjes halen bij de receptie annex bar annex van alles.

We kregen op het hart gedrukt om vooral ons afval goed op te ruimen of hoog in de boom te hangen. Die boodschap ‘an sich’ zorgde in mijn onderbuik al voor een aparte sensatie en die eerste nacht hoorde ik elk gek geluidje. Er was een alternatief opzet zwembad en verder nul luxe. Maar voor een weekje was het echt tof. We hadden een fantastisch uitzicht omdat we zo hoog zaten, het was doodstil en omdat het snikheet was heb ik heel veel gelezen die week.

Berg

We hebben genoten, vooral genoten van het gebrek aan wat dan ook. Zonder afleiding of heel veel prikkels heb ik me overgegeven aan die magische plek. We klooiden een beetje door de dag, dronken eens een wijntje, lazen en kookten en luierden.

Onze buren zagen we niet, die stonden twee bomen en drie struiken verder. Voor veel van jullie zal het wellicht saai zijn en na die week vond ik het ook weer genoeg, had ik wel weer zin om de reuring op te zoeken. Maar wat was het fijn voor even.

Wilde dieren heb ik niet gezien, die zag ik heel veel vakanties later pas. Toen we op een enorme camping in Luxemburg noodgedwongen moesten overnachten, vlakbij een grote stad. ( geen fan van) Midden in de nacht kroop ik mijn bed uit en zag ik hem staan, midden op ons kampeerveldje, in al zijn pracht. Gevangen in het maanlicht, een prachtig vosje.

Ik heb toen meteen het afval maar even hoog gehangen. Voor het geval dat er nog meer wild in de buurt was 🙂

In een vingerknip

Een baan in de zorg is prachtig, hoewel ik sommige dingen in een vingerknip zou veranderen.

Leegloop in de gezondheidszorg, bijna dagelijks staat het in de krant. Aandacht voor het werk zelf verdwijnt bijna op de achtergrond, doordat het vullen van het rooster steeds meer een gevecht aan het worden is. Voldoende personeel is altijd een uitdaging geweest, ik weet niet beter. Dat is de gedachte die veel mensen hebben bij de zorg, de krapte en het slechte salaris. Veel verantwoordelijkheid, weinig waardering.

Toen onze kinderen klein waren, was het handig om onregelmatig te werken. Niet gezellig, dat voorop gesteld, maar wel handig. Ik zwaaide mijn gezin uit, als de liefste thuis kwam. Hij at met onze meiden, deed ze in bad, bracht ze naar bed. En het kwam ook weleens voor dat alles nog wakker was als ik thuis kwam uit mijn avonddienst. Wilde of konden ze niet slapen, dan liet hij ze boven maar spelen en zat er zelf bij om van zijn meiden te genieten. En om op mij te wachten. Supergezellig vond ik dat, als ik thuis kwam met al mijn lieverds nog lekker wakker. In plaats van in een donker huis thuis te komen, waar alles al sliep.

Weekeinden, nachten, feestdagen, als mijn gezin vrij was, ging ik aan het werk. Zo voelde het vaak. We hadden zelden oppas nodig en dat vonden onze meiden fijn. Een van ons was altijd thuis. Jarenlang werkte ik alleen maar nachtdiensten, tropenjaren waren dat.

Baan in de zorg

Maar ik kon onze dochters wel altijd zelf naar school brengen en haalde ze tussen de middag weer op. De verhaaltjes voor het slapen gaan hoefde ik nooit te missen. Ik sliep in etappes, niet echt ideaal, maar zo was het het fijnste voor ons gezin. We redden het met elkaar en ik kon blijven werken, dat wilde ik graag. Dat anderen het anders oplossen is prima hoor, maar ik zag het geworstel van mijn zus en het gedoe met de opvang, ik koos voor een andere manier.

In al die jaren was die planning rondom vakanties, vrije dagen en feestdagen niks minder dan een drama. Omdat de zorg vraagt om een constante bezetting, de hoeveelheid werk is altijd hetzelfde. In de loop der jaren is die alleen maar toenemend kwetsbaar geworden. Ik was vaak jaloers, om het gemak waar anderen mensen in anderen sectoren vrij konden krijgen, spontaan konden snipperen. Extra werken was vaker aan de orde.

Zestien was ik, toen ik begon met werken in de zorg, inmiddels ben ik eenenvijftig en de krapte is er nog steeds. Hoe vaak is het wiel niet opnieuw uitgevonden in al die jaren. De vergrijzing neemt toe, de hoeveelheid personeel neemt af. Het jaarlijkse gevecht rondom de vakantievervang blijft een ingewikkelde puzzel, en nu zitten we ook nog midden in het corona tijdperk die de druk nog verder opvoert.

Werken in de zorg, ik heb er nooit spijt van gehad, het past bij me. Maar sommige dingen van dat werken in de zorg, zou ik in een vingerknip veranderen.

Oud en stijf

Ik heb een rotweek, door dat miezerige steentje. Mijn lijf voelt alsof er een vrachtwagen overheen is gereden. Vierentwintig uur volgepompt worden met een scala aan troep, maakt dat mijn lijf voelt als een chemische fabriek, gemangeld en uitgewrongen. Elke stap voelt zwaar en het enige dat ik wil is slapen. Oud en stijf en nog lang geen tachtig. Zucht!

Het enige dat ik nu wil, is een kloink in die pot. Een barst in het glazuur doordat die steen er met een knal invalt. Zonder succes natuurlijk, dat ding blijft zitten waar die zit. Elke plas is een avontuur, gieren toch? Hoopvol uitkijken naar elke plas, ik drink en ik drink en ik drink. Maar tot op heden nog steeds: helaas pindakaas.

Vanmorgen verzamelde ik moed en ging vroeg in de ochtend een rondje wandelen. Buiten is lekker en ik wil dat gevoel zo graag van me afschudden. Ik zoek naar mijn oude lijfgevoel, toen ik energiek en vol enthousiasme elke ochtend mijn dag startte. Toen ik er niet over na hoefde te denken en dat gevoel er gewoon was. Nu voelt dat lijf zo aanwezig en gek. Alle medicatie die ik nu nog krijg geeft bijwerkingen, dus ik moet me hier nog een paar weken aan overgeven. En dat blijk ik lastiger te vinden dan gedacht.

Lekker relativeren

Doortastend liep ik naar het marquettebos, bij mij om de hoek. Met mijn voeten in het natte gras, omringd door mijn muziek en de pracht van die omgeving, relativeerde ik er op los.

Hoeveel mensen zijn er niet die elke dag worstelen met een lijf dat niet doet wat ze willen, dat niet van hen voelt, moe en niet fit. Ook al is me dat ook niet geheel onbekend. En erger nog, hoeveel zijn er niet, die echt doodziek zijn. Ik ben het na een week alweer zat, zij zoeken veel langer naar die balans. Als ze hem ooit weer vinden.

Voor nu dus genoeg gezeurd, ik laat het maar even. Als troost heb ik mezelf een nieuwe tas cadeau gedaan, die oude was na die reis naar, en verblijf in het ziekenhuis, compleet vernaggeld. Een beetje zoals ik eigenlijk:-)

Reizen

Ik was nooit zo dol op reizen. Net als we een hele poos geen toilet tegen kwamen, moest ik altijd plassen. Zo voelde het tenminste. De auto was heet, de reis was lang en die drukte op de weg, ik was er niet dol op. Opgesloten tussen al dat voorbij razende verkeer, zat ik met geknepen billen tot aan onze eindbestemming.

Dat er twee kleine moppies op de achterbank zaten, hielp vanzelfsprekend ook niet. Die zaten een groot deel van de reis te slapen hoor, wij hebben makkelijke kinderen. Als ze het zat werden, zochten we gewoon een fijne stop of een camping op. Maar toch vond ik het altijd een opluchting, als we heelhuids op de plaats van bestemming aan kwamen. Voor mij begon de vakantie echt niet op het moment dat we de auto instapten, die begon als we eruit stapten.

Drukke wegen

Hoe fijn was het toen we eenmaal ons buscampertje hadden gekocht. Want dat reizen van ons werd zo anders. Ineens was dat onderweg zijn eenvoudig, voelde het vooral relaxed. We hadden geen einddoel meer, op de bonnefooi deden we maar wat en we vonden de prachtigste plekjes. Gewoon, per toeval. Mijn vakantie begon ineens al, als we in de auto stapten.

Niks geen drukke, volle wegen meer of razende auto’s om me heen, we reden alleen maar langs pittoreske weggetjes of adembenemende dorpjes. En vooral in Frankrijk vonden we de ene na de andere parel, volkomen onverwacht. Ineens begreep ik waarom Frankrijk echt nooit verveeld. Al die verschillende natuur is fantastisch, en er is nog zoveel te zien. Dus verheug ik me vooral heel erg, op alles wat we nog gaan ontdekken de komende jaren.

Nog een mooie tip? Wij houden ons aanbevolen!

Afwasje

Soms is er maar weinig voor nodig om me terug te brengen naar dierbare herinneringen. Een geur of een sensatie. Gisteravond stond ik met de buiten deur open af te wassen( wij hebben geen vaatwasser namelijk), vogeltjes floten dat het een lieve lust was en ineens was ik op de camping. Dat relaxte gevoel tijdens zo’n zwoele zomeravond, terwijl je in je korte broek nog even de afwas doet. Zalig toch?!

Wij hebben met onze meiden veel gekampeerd, net zoals we dat vroeger met onze ouders deden. Onze oudste was een maand of negen toen we voor het eerst gingen, naar een minicamping. En heel eerlijk, dat was best een uitdaging met een kleintje. Ongenadig heet was het die weken, en onze tent werd een broeikasje. We hadden haar bedje dus overdag in de schaduw onder de bomen staan. Van slapen kwam maar weinig, ze was te druk met om zich heen kijken.

Heerlijk een tent!

Maar onze meiden genoten, ook al was er soms heus wel wat te mopperen. Door de mistral leek het die ene keer net herfst toen we aan de franse kust stonden, gelukkig maakte het zwembad een hoop goed. Knus in hun tentje hoorden we ze vaak nog giechelen ’s avonds laat. Wij gluurden altijd nog even naar binnen als het eindelijk stil was, twee van die bruinverbrande koppies, volledig total loss en diep in slaap. Er is weinig meer vertederend dan dat.

Elke dag hadden we onze ritueeltjes. Na het douchen even ‘smoetsen’ met aftersun op ons grote bed, siësta in de schaduw als ze moe waren van het spelen of van het zwemmen. En vooral in Spanje was het douchen favoriet, dan stonden ze onder een strakblauwe hemel onder die warme straal zich suf te genieten. Douchen in de open lucht, wat een belevenis, dat verveelde nooit. Met hun eigen toilettas vol lekkere sopjes en shampootjes konden ze uren tutten.

Zelfs als het eens regende, zaten ze heerlijk te spelen, met op de achtergrond knus het getik op dat tentdoek. Het is dan echt heerlijk een tent. En een dagje rust zonder die hete zon was soms ook zalig. We hebben weleens een ander soort vakantie gevierd, op een resort. Best leuk hoor, echt, maar het voelde toch wat beperkt qua ruimte. En zo’n hotelkamer, tsja. Voor mij gaat er echt niets boven de ruimte en de vrijheid van die oneindige natuur om je heen. De hele dag maar een beetje aanklooien, zonder op de klok te hoeven kijken.

Had ik al gezegd dat we enorm uitkijken naar ons volgende Frankrijk avontuur? Heel, heel, heel even nog. We hopen dat we dan nog mogen ….